Mijn stage begint steeds leuker te worden. Ik krijg (nog steeds) veel vrijheid wat het mogelijk maakt mijn ideeën de vrije loop te geven. De brochure begint steeds meer vorm te krijgen. De tekst is compleet, het design is gemaakt en misschien wel het belangrijkste, de foto’s zijn geplaatst bij de bijbehorende teksten. Voor het laten drukken van deze brochures heb ik een hulplijn ingeschakeld. Via Erik heb ik de lijst met alle NGO’s (non governmental organisations) binnen Masaya ontvangen. Het vinden van de juiste contacten is soms behoorlijk lastig als je enigszins wordt beperkt door de taal en de cultuur. Een uit gesorteerde lijst met alle bedrijven is de perfecte uitkomst. Om vóór mijn vertrek bepaalde activiteiten, waaraan ik heb gewerkt, werkelijkheid te zien worden heb ik besloten om zelf op zoek te gaan naar een drukkerij. Met wat hulp van Erik, die deze lijst als de binnenkant van zijn broekzak kent, heb ik een drukkerij gevonden met een aantal substituten als back-up. Je weet het hier tenslotte maar nooit.. Volgende week ga ik een keer op bezoek bij de desbetreffende drukkerij. Nu maar hopen dat ik een leuke deal kan sluiten, maar met mijn competenties prijs onderhandelen moet dit geen probleem zijn. Het lastigste is het afhankelijk zijn van de opleverdatum in deze cultuur. Als de brochure daadwerkelijk kan worden opgeleverd voordat ik vertrek ben ik al lang tevreden!
Wat goed te merken is dat de jockey-club in een opwaartse spiraal zit. Het wordt met de week drukker, er zijn meer reserveringen en je ziet het personeel ook een stapje harder lopen. Dit is natuurlijk een leuke trend voor mij als stagiair. Er ontstaan zo meer mogelijkheden om daadwerkelijk veranderingen door te voeren. Wat momenteel absoluut niet plaats vindt, en waar waarschijnlijk nog nooit iemand over heeft nagedacht, is de interactie tussen de leden en het management. Er is niks bekend over de wensen van de huidige leden of wat zij vinden van de prijzen en de wijze waarop de jockey-club met hen communiceert. Ik heb inmiddels al wat ideeën op papier gezet voor een enquête die ik zal gaan afnemen onder de huidige leden. Dit is tevens een kans om te inventariseren wat men graag zou zien veranderen. De onderwerpen die voor mij interessant zijn, zijn vooral de prijs- kwaliteit verhoudingen, de communicatie naar de leden toe (vanuit het management) en de huidige activiteiten die er plaatsvinden. Door middel van deze enquêtes hoop ik een impressie te krijgen wat de huidige leden van de jockey club, wat er mist en wat ze graag zien veranderen.
Het browsen naar bepaalde personages.. het is een soort hobby geworden. Als er weer een topper is gevonden kunnen de lachspieren weer worden gebruikt. Meestal gaat deze ‘hobby’ via het medium Hyves. Het is een soort sport geworden om de grootste pauper te vinden. Schakelkettingen, burbery bloesjes, meer dan 1000 ‘vrienden’ hebben en meer dan 30.000 keer bekeken zijn terwijl de meeste paupers nog niet eens 14 jaar jong zijn, zijn de vaak gezochte targets.
Na al een keer eerder deze week uit eten te zijn geweest vond ik het samen met Erik en Tijmen een goed idee om een vrijdag avond eens thuis te blijven. Bart had wel zin om met de andere Nederlanders een hapje te eten. Lekker een tosti en een salade bouwen was ook weer eens lekker. Net voor een gigantische tropische regenbui, die wij al zagen aankomen ben ik even naar het ‘vrouwtje in onze straat’ gerend om hier een flesje rum en wat Cola te kopen. Na een paar minuutjes was ik weer in onze compound gearriveerd en barstte de regenbui inderdaad los. De afgelopen tijd is het, vergeleken met voorgaande maanden, een stuk meer gaan regenen. Wij zaten in ieder geval lekker droog. Onder ons afdakje onze bovengenoemde hobby beoefend, een lekker drankje gedaan en de nodige bromistas de revue laten passeren. Rond een uurtje of tien kwam Bart weer thuis en vroeg of wij nog zin hadden om Masaya in te gaan. Er zou Halloween zijn met een aantal lachwekkende optochten. Eigenlijk hadden we hier niet zoveel behoefte aan en hebben dan ook dit aanbod vriendelijk afgeslagen.
Afgelopen zaterdag zijn de vier boys van Saxion richting Managua vertrokken. Wij zijn uitgestapt bij een zeer luxe winkelcentrum genaamd ‘Galeria’. Hier bevinden zich een aantal warenhuizen, banken en talloze andere winkels. Allemaal gericht op de rijke burger en de toeristen met geld. Het is na bijna drie maanden wel weer eens fijn om door één en al luxe te lopen. Het gaat hier zelfs zo ver dat de deur voor je wordt opgedaan. Ten alle tijden bevindt er zich meer personeel dan klanten in een warenhuis. Bij elke entree staat, zoals ik al zei, een medewerker om de deur voor je open te doen. Bovendien lopen er op elke afdeling genoeg werknemers die elkaar gemakkelijk kunnen aflossen als een collega van hen in gesprek is met een klant. Tenslotte loopt er tamelijk veel personeel rond die eigenlijk alleen observeert. De functieomschrijving luidt denk ik als volgt: houdt een individuele klant in de gaten, kijk of hij niks meeneemt, achtervolg de klant ten alle tijden en geef zo snel mogelijk een seintje wanneer de klant koopintenties blijkt te hebben. Het is best gek, als je bedenkt dat er in Nicaragua ruim 68% van de bevolking werkloos is. In elke winkel staat er ruim drie keer zoveel personeel als in Nederland, ongeacht of het druk is of niet. Dit geldt overigens ook voor elk restaurant of onderneming. Bij supermarkten en benzinestations is dit zelfs nog sterker van toepassing. Voor mij blijft de 68% werkloosheid, zeker tijdens het bezoeken van bovengenoemde ondernemingen, voor alsnog onverklaarbaar. De bevolking is hier zo creatief in het creëren van werkzaamheden, dat het af en toe erg lachwekkend is.
Wij zijn natuurlijk niet met de instelling naar Galaria vertrokken om lekker te shoppen. Nou ja.. gedeeltelijk dan. Er scheen een beurs te zijn die nog wel eens interessant voor ons zou kunnen zijn. Helemaal achter in het winkelparadijs was er inderdaad een beurs. Qua opzet is het vergelijkbaar met een beurs in Nederland. Wat betreft de grootte niet, maar dit komt puur door het feit dat een dergelijke beurs enkel is weggelegd voor bedrijven waar veel geld in omgaat. (met commerciële doeleinden) Tijdens het bezoeken van deze beurs viel mij een aantal dingen op. We zeiden het nog uitvoerig tegen elkaar. “Waar zijn alle pennen, snoepjes en andere rommel?” Dit is in Nederland altijd zeer kenmerkend voor een beurs. Na een tijdje te hebben rond gelopen heeft ieder een standje gezocht dat betrekking had op zijn stage. Al snel vond ik een bedrijf dat zich bezig hield met het produceren van promotiemateriaal. Lichtbakken, grote spandoeken en billboards waren enkele van hun producten. Na een tijdje te hebben gepraat heb ik de contact gegevens gehad van een zeer vriendelijke meneer. Aangezien ik mij laatste weken van mijn stage wil richten op het ontwikkelen en opzetten van promotieactiviteiten kan dit wellicht van pas komen.
Tijmen en ik hebben de ‘Colonia’ nog een bezoekje gebracht. Dit is een zeer luxe supermarkt die een breed assortiment heeft. Ik was al eens eerder in een Colonia geweest, maar de Colonia in Managua was minstens twee keer zo groot. Dit was ook terug te zien in assortiment. Importvruchten als pruimen, kiwi’s en nectarines waren hier zelfs verkrijgbaar. Om mijn vitaminegehalte wat te ‘boosten’ heb ik hier een aantal van aangeschaft. Wat verder erg opvallend was in deze supermarkt waren de aanbiedingen. In Nicaragua is het gebruikelijk bepaalde producten te combineren, in plaats van het verlagen van de verkoopprijs per product. Door een samengestelde combinatie te kopen bespaar aanzienlijk veel cordobas, wat voor de locals erg aantrekkelijk is. Het aparte aan deze aanbiedingen zijn de combinaties. Een paar voorbeelden: Cola met bier, wasmiddel met wc-papier en tandpasta bij de Cola. Vanuit een commercieel economisch oogpunt is dit grappig om te zien.
In mijn vorige blog schreef ik over een bezoek aan San Juan del Sur. Ditmaal zouden wij dan niet in een schuur overnachten, maar in een luxe hotel dat wordt gerund door een Nederlands echtpaar. Wij zijn hier zaterdag ochtend vroeg naar toe gegaan. Zo heb tenminste nog wat aan je dag. Omdat San Juan ongeveer 3,5 uur met de bus is hebben wij besloten een taxi mét airco te nemen. De beste man, genaamd Carlos, met een mooie taxi (voor Nica begrippen) kenden wij al sinds ons vorige bezoek aan San Juan. De vrijdag voor vertrek naar San Juan heb ik deze man opgezocht in Granada om het tijdstip, een prijs en de bestemming af te spreken. Zaterdag ochtend stonden wij gereed op de afgesproken plek om opgepikt te worden. Echter was Carlos al bijna 10 minuten te laat. Dit is niet gebruikelijk voor taxi chauffeurs, dus heb ik hem opgebeld om te vragen of die überhaupt nog kwam. Hij excuseerde zich direct en kon mij vertellen dat hij er over enkele minuten zou zijn. En inderdaad, daar kwam onze prachtige taxi. Vlak voor San Juan werden wij plots aangehouden door een politie agent. Er werd wat gelachen en wat papieren werden uitgewisseld. Achteraf hoorde de papieren die werden uitgewisseld boetes of strafpapiertjes zouden moeten zijn. Na ongeveer 5 minuten moesten wij ineens onze paspoorten laten zien. Gelukkig had iedereen deze bij zich (Erik en ik hadden slechts een kopie, maar dit bleek geen probleem) en konden wij vlak na het tonen van onze identiteit weer verder. Zo maak je hier veel dingen mee in een andere cultuur! Voordat je San Juan binnenrijdt heb je drie keuzes. Het centrum is rechtdoor en dan zijn er twee mogelijkheden om links- of rechtsaf te gaan richting twee stranden.
Voor ons was het playa Madeira, rechtsaf dus! Al snel wordt de weg waarover je rijdt steeds slechter. Het begint met slecht asfalt wat overloopt in losse klinkers en eindigt in een onverharde weg. Met een stijgingspercentages van 25%, plassen van een halve meter diep en gigantische kuilen is het voor een ‘niet’-4x4 taxi een pittige klus. Alle stenen die opspatten, je veringen die veel krijgen te voortduren en je motor die op maximale toeren draait.. Het komt er eigenlijk op neer dat een ‘gewone’ auto er niet beter op wordt van zo’n weg. Ik voelde me best schuldig tegenover Carlos. Een hele aardige local met een mooie, nieuwe uitziende, auto die nog strak in het lak zit (lees: zat). Maar goed.. hij krijgt $50 voor anderhalf uur werken, wat bijzonder veel is hier. Je zag, toen wij onze bestemming hadden bereikt, tijdens het uitstappen Carlos ook even kijken naar zijn auto. Ach, waarschijnlijk kan dat ook weer worden opgepoetst door een vriendje van hem. Zo werkt dat hier tenslotte.
Door een helling die niet op te rijden valt met een gewone auto zijn wij ongeveer 200 meter vóór het hotel uitgestapt. Aangekomen bij ‘Buena Vista Surf Club’ werden we welkom geheten door Marc en Mariel. Een Nederlands stel dat ontzettend aardig, gastvrij en sympathiek is. Twee top mensen die hun gasten maximaal laten genieten. Gecombineerd met één van de mooiste locaties waar ik ooit ben geweest was het plaatje compleet.
Na een uurtje te hebben gepraat met Marc, over van alles en nog wat (voetbal, politiek, surfen, stage etc.) was het tijd om te gaan surfen. Handdoekje, zonnevetje, surfshirtje, surfplank en volle moed vertrokken wij richting het strand. Na ongeveer 10 minuutjes te hebben gelopen waren wij op playa Madeira. Na een aantal uur te hebben gesurft waren wij helemaal afgepeigerd. Het is erg vermoeiend om elke keer weer door die branden te zwemmen met je plank en de golfen te trotseren. Bovendien staat de felle zon de hele dag op je gezicht. Het laatste uurtje surfen kwamen Marc en Mariel ook nog even surfen. Bij zonsondergang zijn wij gezamenlijk terug gelopen naar het hotel. Hier kregen wij een geweldig uitzicht gepresenteerd. Zittend in een poef op een vlonder van 8 meter hoog keek je over het oerwoud en de Pacific Ocean uit.
Twee uur genieten met een drankje en een snack gingen voorbij toen er werd geroepen “Jongens het eten is klaar”. Erg ironisch, want deze oneliner hadden wij een tijdje niet meer gehoord. Mariel kookt altijd zelf voor de gasten en dat is zeker geen straf. Vooraf een vers gemaakte paprika soep, gevolgd door een pasta met pollo, bacon, brocolli en enkele kruiden en een salade was de maaltijd. In tijden heb ik niet zo lekker gegeten. Met een lekker wijntje en top mensen was het erg gezellig. Tijdens het uitbuiken in onze poef viel zowel Tijmen als Erik in slaap. Terwijl ik nog aan het genieten was van mij biertje hoorde ik in mijn linker oor wat snurk geluidjes. Tijd om te slapen dus!
Na heerlijk te hebben geslapen, wat schaars is in Nicaragua, zijn wij opgestaan voor het ontbijt. Ook dit was weer genieten. Verse passievrucht, watermeloen, banaan, pannenkoekjes, toast, eitjes en een verse bak koffie stond te wachten op ons. Om wat bij te kleuren hebben wij even met z’n allen zitten bakken in de zon. Na een uur ben je hier wel klaar mee, als je doorweekt bent van je eigen zweet. De rest van de dag staan tenslotte nog genoeg zon uurtjes op ons te wachten. Net als de dag ervoor de surf bagage weer gepakt en zijn wij vertrokken naar het strand. Wederom heerlijk gesurft, gezwommen en uitgerust. Aan het eind van de dag kreeg Tijmen zelfs nog even les van Marc, die het surfen beter beheerst dan ons. Ook vandaag stond er weer een heerlijke maaltijd op ons te wachten.
Om 8 uur hadden we op dezelfde plek afgesproken met Carlos. Hij stond hier braaf om 8 uur te wachten, in het donkere oerwoud. Dit keer samen met een vriend en een andere auto. Deze keer was het een ‘versleten’ busje uit de tachtiger jaren die nog minder pk had dan de normale taxi van Carlos. Dit bleek al snel toen wij een helling niet opkwamen. Daar zaten we dan.. “We hoeven toch niet wéér een taxi aan te duwen??” - “No no, todo es bien!” vertelde Carlos ons. In z’n achteruit de heuvel weer afgedaald om een langere aanloop te nemen. Met maximale toeren schoten we nu wél de berg over. De bedoeling was om een dutje te doen, tijdens de terugreis. Dit werd verstoord door de herrie die de bus produceerde. Dan maar lekker liggen en proberen weg te dommelen. Ook dit werd verstoord, omdat wij wederom werden aangehouden door een politie agent. Hetzelfde proces: even lachen, papiertjes uitwisselen en paspoorten checken. Echter was deze agent wat minder ‘amused’ van onze kopieën. Maar uiteindelijk mochten wij ook hier weer doorrijden.
Thuisgekomen waren wij zowel uitgeput als uitgerust. Uitgeput van het surfen (wat behoorlijk zwaar is), maar uitgerust van alle mooie ervaringen, het lekker slapen, het heerlijke eten en het uitrusten op de vlonder! Ik ben in ieder geval weer opgeladen voor een nieuwe stage week!


Geen opmerkingen:
Een reactie posten